Vorige week lazen we dat onderzoek uitwijst dat tot op de dag van vandaag op de werkvloer de motivatie gemiddeld gezien erg laag is. Op basis vaan Amerikaanse cijfers gaat ruim de helft van de werknemers ongemotiveerd naar zijn werk! De kans dat die cijfers in Nederland daar niet ver vanaf zitten is vrij groot. Want zeg eens eerlijk: hoeveel laatkomers, zeurpieten, slakken, zuchters en kantjes-ervan-af-lopers herken jíj in je werkomgeving? En hoe vaak zit jij zelf doelloos uit het raam te staren? (Of tijdens werktijd artikelen te lezen op Nu.nl, of Instagram, of …., terwijl je eigenlijk iets anders zou moeten doen? Hoe dan ook: hoog tijd om iedereen de volgende handvatten te geven:
- Werk hard
Als je hard werkt, krijg je meer gedaan. Als je extra moeite doet om iets te bereiken, voel je automatisch meer voldoening als je daarin slaagt. (Hoe klein of onbenullig dit doel vooraf soms ook lijkt.) In feite maak je de reis naar het eindpunt interessanter en bevredigender zodra je een tandje harder werkt.
Ariely illustreert dit met een voorbeeld van het bedrijf P. Duff & Sons, dat in de jaren 40 een enorm handig cake-bakpoeder op de markt bracht. Water, dat was het énige dat de huisvrouw van toen zelf nog hoefde toe te voegen aan dit poeder. In de oven ermee, wachten… en klaar.
Hoewel het poeder zeer efficiënt was, werd het niet met gejuich ontvangen. De gebruiker beleefde nauwelijks voldoening aan het maken van deze ‘kant-en-klaar-cake’. De handeling was te simpel en voelde dus niet als een eigen creatie.
Het bedrijf besloot de receptuur van het poeder te veranderen, waardoor de huisvrouw voortaan zelf ook melk en eieren moesten toevoegen. Vanaf dat moment voelde zij zich tevredener na het maken van de cake, simpelweg omdat ze er meer moeite voor moest doen. Het voelde toch iets meer als ‘haar eigen cake’. Een bijkomend pluspunt: wanneer de visite een compliment gaf over het baksel, dan ervoer de maker dat als een compliment aan haarzelf – niet enkel aan het poeder dat ze gekocht had.
Kortom, werk wordt leuker als je iets van jezelf kunt toevoegen, als je er je eigen draai aan kunt geven. Bovendien krijg je dan ook eerder het gevoel dat je werk nuttig is – en zo bijdraagt aan een groter doel. “Zweet betaalt zich terug in voldoening”, aldus de schrijver.
- Hecht minder aan geld
Wat motiveert jou werkelijk in je werk? Is dat het geld dat op jouw rekening wordt gestort na een maand arbeid, de betaling van een factuur na een opdracht, een bonus aan het eind van het jaar? Of zit het stiekem toch meer in een gemeend compliment van een collega, baas of opdrachtgever? Is het soms die mooie kans die je krijgt naar aanleiding van een project dat je eerder liet slagen? Of draait het om de high-five of het proosten met je collega’s na een gezamenlijk behaald succes?
Als je minder belang hecht aan financiële beloning, dan verleg je (soms onbewust) de focus meer naar ‘de zin van het werken’. Je geeft meer aandacht aan wat je doet en wat je daarmee toevoegt of bereikt.
Het feit dat motivatie door zó veel meer wordt bepaald dan centen, blijkt wel uit de volzin die de auteur kiest om het uit te leggen:
Naarmate mensen zich meer verbonden, uitgedaagd en betrokken voelen, naarmate ze zich meer vertrouwd en autonoom voelen en naarmate ze meer erkenning krijgen voor hun inzet, zal de totale hoeveelheid motivatie, arbeidsvreugde en output voor alle betrokkenen toenemen.
Ik moedig je aan om jouw eigen inzet en werkhouding langs de motivatie-meetlat te leggen. Noteer deze woorden (afkomstig uit bovenstaande zin) in een document of op een vel papier:
- Verbondenheid
- Uitdaging
- Betrokkenheid
- Vertrouwen
- Autonomie
Geef jezelf rapportcijfers voor deze waarden. Hoe scoor jij in je huidige werk? Op welke vlakken zie je verbetering? En welke rol zie je daarin voor jouzelf?
- Leer omgaan met motivatie-slopers
Natuurlijk ben je nooit helemaal in je eentje bezig met je werk. Je hebt altijd te maken met collega’s of opdrachtgevers, managers of directeuren. Die hebben allemaal hun eigen houding ten opzichte van hun werk – en ten opzichte van jou.
Motivatie is fragiel. Het is nogal eenvoudig om iemands motivatie onderuit te halen. Bijvoorbeeld door geen interesse te tonen in wat iemand doet. Of door iemand te vragen om advies en er vervolgens niks mee te doen. Of door steeds weer te veranderen van visie of strategie, zodat medewerkers het gevoel krijgen dat ze hun werk doen voor de kat z’n kont.
Dit soort motivatie-slopers vormen een gevaarlijk soort. In gevecht gaan met ze heeft meestal weinig zin. Dus moet je jezelf tegen hen beschermen. Hoe? Door je mentale kader aan te passen, zegt Ariely.
Zijn advies is om jezelf drie vragen te stellen:
- In hoeverre help ik iemand met het werk dat ik doe?
- Wat voor betekenis kan ik erin vinden?
- Kan ik iets creatiefs of leerzaams halen uit mijn werk?
Zodra je op (één van) deze drie facetten een invulling weet te vinden die jou motivatie of plezier oplevert, dan wordt jouw werkhouding direct positiever.
Soms kan deze motivatie op een persoonlijk niveau zitten, in je eigen bubbel, waardoor anderen er in eerste instantie niet eens direct iets van merken. Denk aan een collega die enorme lol beleeft aan het stilletjes perfectioneren van planningen in Excel. Of iemand die de hele dag stiekem woordgrappen opschrijft, waarna hij uiteindelijk de drie beste in zijn nieuwsbrief verwerkt. Of iemand die stelselmatig alle actiepunten verzamelt die na een vergadering open blijven staan – en ze vervolgens alsnog oppakt in de vakantieperiode.
Werkgenot is aanstekelijk
Zulke ogenschijnlijk kleine aanpassingen in je werkwijze leveren in eerste instantie jouzelf noodzaak of plezier op. Maar algauw zal je merken dat jouw werkgenot aanstekelijk is, jouw werktempo toonaangevend en jouw motivatie een inspiratie. Dus grijp je taak met beide handen vast en ga ‘ass kickend’ en ‘dag plukkend’ op je doel af.
O ja, ik was bezig met een boekrecensie. Het boek ‘Motivatie’ van Dan Ariely is enthousiast geschreven en staat bol van inspirerende wetenschappelijke voorbeelden. Vooral als de schrijver persoonlijke voorbeelden aanhaalt, komt de boodschap luid en duidelijk binnen. Soms vind ik de beschreven tips en tricks om je eigen gedrag te beïnvloeden te summier, maar ik besef: dat is een kwestie van smaak. De auteur laat de lezer (expres) zelf de stap van theorie naar praktijk maken. Wil je weten hoe motivatie werkt, dan is dit een prachtig startpunt. En voor tekstschrijvers is het een genot om sommige van Arielys metaforen te nuttigen.
Dank: Vincent Mirck

