Ons huidige zakendoen en dienstverlening heeft als basis ons huidig economisch denken. Kern in dat economisch systeem is geld, d.w.z. steeds goedkoper, steeds meer winst, meer winstgroei. En dat is bestemd voor onszelf, als individu, als afzonderlijke organisatie. Geld verdienen is onze bedoeling met klanten. De verbinding is een economische. Voldoende geld verdienen is de basis om voor de levensvatbaarheid en continuïteit van organisaties. Dat geldt voor zowel profit als non-profit organisaties.
In de betekeniseconomie speelt geld nog steeds een rol, alleen dat staat niet meer op de eerste plaats. Bij impactondernemen in de context van betekeniseconomie is geld niet meer de rode draad in het handelen van organisaties en dus de basis voor continïteit.
Bij impactondernemen draait het om de bijdrage van de organisatie aan het welzijn van de samenleving en daarmee de klanten. Dus hoe de organisatie wil bijdragen aan het leven, dus alles wat ons leven, de samenleving dus, levend maakt. Dat heeft impact op de verbinding tussen de organisatie met haar klanten. Sterker nog, klanten zullen dit als belangrijkste criterium gaan gebruiken om te besluiten bij die organisatie te kopen of niet. En die verandering bij klanten is al zichtbaar!
Doel van organisaties is om bij te dragen aan de samenleving en op basis daarvan geld te verdienen. Zo maken organisaties in de context van betekeniseconomie hun strategische doelen concreet.
Geld is dan niet meer de verbindende factor, wel dat welzijnsstreven. Dat kan voor iedere organisatie anders zijn. Wat gebeurt er met die verbinding met klanten wanneer de overstap wordt gemaakt van het huidige economische denken naar die van de betekeniseconomie. Daar gaan we bij het volgende op in.
De vaartips:
- Het huidig economisch denken is sterke gericht op de individuele mens. Ikke = ikke: wat levert het mij op, wat verdien ik er aan. Hoeveel kost dat? In de betekeniseconomie staat de op de ander gerichte mens centraal. Concreet: ik heb de klant verder geholpen met zijn business. En dat heeft mij genoeg opgeleverd. Ik heb van die leverancier gekocht omdat hij mij een product levert dat zo min mogelijk impact heeft op het leven (bijv. Amazonegebied). De verandering in de verbinding is de verandering van “wat kan ik verkopen” naar hoe kan ik de ander in zijn zakendoen helpen”. Dus in de huid kruipen van de klant, vergroten van het invoelend vermogen. De verbinding is gebaseerd op “helpen” en willen bijdragen” ipv geld
- De tegenstellingen in corona-periode kwamen voort uit “algemeen belang” versus individuele vrijheid. Aan die vrijheid mogen ze in het huidige economisch denken niet aankomen. Dus met de maatregelen in het algemeen belang heb ik niets te maken. In de betekeniseconomie gaat het echter om de samenleving als geheel. Dus ik doe mee omdat het de gemeenschap helpt (en dus daardoor mijzelf) verder te komen. Spelen we het levensspel mee? Staan we tussen de lijnen? Of zijn we toeschouwer, en doen we feitelijk niet mee met het leven en leven we ons eigen leventje. Daar zit de verandering. Wanneer we het levensspel meespelen dan is het handig je rol te weten in dat spel. Daar is persoonlijk onderzoek voor nodig. Dat geldt niet alleen voor de organisatie, maar zeker ook voor de afzonderlijke mensen die daarin weren en de mensen waardoor de organisatie dingen doet.
- “Had die maar beter moeten uitkijken, eigen schuld dikke bult”. Dat was de reactie van een accountmanager die een veel te grote hoeveelheid had verkocht aan een klant. Die hoeveelheid zou de klant en zijn nazaten hun hele leven kunnen gebruikten, alleen de houdbaarheidsdatum was slechts een paar jaar. Deze uitspraken zijn in de betekeniseconomie uit den boze. Je verkoopt alleen dat wat de klant echt nodig heeft en je houdt echt rekening met de producteigenschappen en die vertel je eerlijk. Het gaat om het transparant en ethisch handelen. Onlangs een lekke band gereden met m’n auto. De bandenspecialist adviseerde mij een nieuwe band te kopen (= € 250,==). Dat vond ik vervelend. Ik ben daarom naar een garage gegaan. Die mensen hebben de band gerepareerd. Kosten € 5,==. Een voorbeeld van ethisch handelen.
- Het huidig economisch denken vervult behoeften?! Alleen is dat écht waar? Worden die behoeften ons ook niet aangepraat in de reclames, of wordt het toedienen van suikers in producten niet een behoefte gekweekt? Of wordt onze eetlust niet aangewakkerd door goedkoop aanbieden van producten waarin de kosten van het klimaat etc niet zijn opgenomen?
In betekeniseconomie gaat het om belangen, het belang van de Amazone, het belang van schone lucht in een dorp bij een staalfabriek, het belang van de boer om een redelijke prijs te krijgen voor zijn inspanningen en niet onder de kostprijs te leveren. Mijn eigen belang is niet mijn eigen kleine wereldje, mijn eigen belang hangt volledig samen met het belang van de samenleving. Zijn die goed “gedekt” dan is mijn belang ook “gedekt”.
- We zijn doodgegooid met het begrip marktwerking. Dat zou vrede en welvaart en dus welzijn brengen. Dat blijkt gebakken lucht. Die marktwerking zou moeten leiden tot betere en goedkopere diensten. Nu kijk naar de zorg en je ziet een complete mislukking. Marktwerking is een neoliberaal dogma, immers het zegt dat er een onzichtbare hand (= de markt) is die zorgt voor marktwerking. De juistheid ervan en de daaronder liggende aannames zijn echter nooit getoetst. In de betekeniseconomie is er niets onzichtbaars. Voorspoed ontstaat doordat wij er zelf aan werken, niet door iets onzichtbaars. Marktwerking is gebaseerd op geld. Het gaat niet om de kwaliteit van wat geleverd wordt, wel om de laagste prijs. Bij die prijs wordt ervan uitgegaan dat de kwaliteit gelijk blijft. Dat is meestal niet het geval. De kwaliteit wat geleverd wordt sluit niet aan op het belang dat mensen hebben, nl. het welzijn van de klant.
Of we het nu willen of niet, geld zit ingekankerd in ons gedrag. Dat maakt dat we een vastgeroest gedrag hebben van “zo doen we dat nu eenmaal”. De bovenstaande 5 vaartips zijn voorbeelden van dat vastgeroeste patroon. Om in de context van betekeniseconomie impactondernemen te gaan doen is veel aandacht nodig om dat oude patroon van handelen te gaan veranderen. Dat geldt voor zowel management als uitvoerenden. Externe ondersteuning is dan vrijwel altijd essentieel. Neem dan wel iemanbd die de beginselen van betekeniseconomie onderschrijft en in al zijn handelen concreet kan maken.


