Alles verandert. Dat maakt mensen onzeker. Zaken die houvast gaven, staan op losse schroeven. ‘Kennis is macht’ maakt plaats voor ‘emotie is macht’. Het is voorbij dat “met geld alles te koop is”. Die verandering ondergraaft ons welvaartsdenken. Het financieel-economische, zeg maar de verzorgingsstaat, is aan het verdwijnen. Baangarantie bestaat niet meer. Het vertrouwen in banken is tanend. Ons pensioen staat op losse schroeven. Dit schreeuwt om anders ons leven in te richten. Alleen dat gebeurt nauwelijks. We blijven volharden in het efficiency-denken, kost gaat voor de baat uit, bezuinigen en het blijft gaan om te presteren om het presteren. Ook met de nieuwe benadering t.w. Agile/Scrum houden we aan dat oude denken vast.
We zijn vergroeid met ‘welvaart’. De economie gebruikt de term ‘welvaart’ als de mens ‘welzijn’ bedoelt. Daarmee gebruiken we en benadrukken gelijktijdig deze twee geheel verschillende termen door elkaar. Daardoor ziet de economie de mens als productiefactor om ‘welzijn’ te creëren alleen zij bedoelt dan het economisch getinte ‘welvaart’. Dit is een verdraaiing van het natuurlijke. We weten niet beter dat welvaart en welzijn zijn vergroeid. Vasthoudend en hardleers blijven wij er naar handelen en houden zo deze misvatting in stand. Onze opvoeders en scholen blijven hameren op welvaart. Op de maatschappelijke agenda staat altijd het hoofdstuk financiën; geld is altijd het belangrijkste issue. En daar loopt het vast.
Vanaf de industriële revolutie is dat denken er ingesleten. Ik noem dat denken ‘geïndustrialiseerd denken’. We weten niet beter ons dagelijks leven middels dit diepe karrenspoor te leiden. Vanaf onze geboorte hebben we geleerd het karrenspoor te volgen, geïndustrialiseerd te denken. We zijn verleerd ons dagelijks handelen anders op te pakken dan dat karrenspoor.
Daarin is het financieel-economisch element de bepalende factor voor gelukkig te leven. Als dat element niet schittert, is er geen welzijn. Echter, geluk – anders dan geld – is direct verbonden met welzijn.
Scroll even naar beneden en je vindt daar de bijdrage van Jos Berkemeijer. Hij plaatst in zijn post de visie die Arnoud Boot heeft op de financiële sector. Arnoud plaatst in zijn visie het sociaal-economische op de voorgrond. Daarin is de mens geen productiefactor, maar een uniek levend wezen.
Ook in deze post gaat het over dat “unieke”.
Ons handelen is gericht op het bereiken van welvaart, niet op welzijn. Het gaat om geld. Hierin schuilt de misvatting. Het is toch immers de bedoeling is dat mensen lekker leven en fluitend hun ding doen, waarbij geld hulpmiddel is? De sluipende onzekerheid maakt dat mensen hun vertrouwde houvast kwijt raken. Er is wat nieuws nodig om hen zekerheid te geven. Die zekerheid schuilt in mensen zelf.
We kunnen uit deze misvatting komen! Dan moeten we deze vergroeiing ontvlechten door ons beeld over mens-zijn te wijzigen van ‘productiefactor’ in ‘biologisch, organisch mens’ en ons handelen daarop baseren. Handelen naar het biologische, organische mensbeeld biedt oneindig veel mogelijkheden, veel meer dan die ene weg van het geld. De effecten en financiële resultaten van dat andere handelen zijn duidelijk hoger dan volgens het geïndustrialiseerd denken. Cochin-approach is een voorbeeld van dat anders handelen
Ja maar Roland, wat nu met Agile/Scrum. Dat stelt de mens toch centraal. Dat is wellicht wel de bedoeling. Dan is wel de vraag of zij de mens ziet als productiefactor of anders. Immers, het gaat om sneller tot een prestatie te komen. Bij de transitie naar Agile zou Cochin-approach goed kunnen helpen. Immers wij streven na dat de mens vanuit zijn eigen kracht bijdraagt. Waarom, omdat die eigen kracht de enige zekerheid is die de mens heeft. Alle zekerheden die buiten hem zijn, verdwijnen. De mens heeft wel zekerheid nodig en de enige echte zekerheid zit dus in hemzelf. Cochin-approach gaat hiermee aan de slag.

