Nelson Mandela werd op 18 juli 1918 geboren in het dorp Mvezo in het zuidoosten van Zuid-Afrika.

In die tijd stond Zuid-Afrika onder gezag van het Britse Rijk, dat in 1910 de Unie van Zuid-Afrika had gevormd. Zwarte mensen hadden er geen stemrecht en mochten geen land bezitten.

Nelson Mandela ondervond als kind racisme aan den lijve toen zijn vader zijn titel als dorpshoofd werd ontnomen en zijn fortuin in beslag werd genomen door de machtige witte elite. Toen Nelson Mandela 10 jaar oud was, stierf zijn vader aan een onbekende longziekte. Daarna groeide Nelson Mandela met zijn moeder op in armoede.

Omdat zijn vader bevriend was geweest met de koning van de Zuid-Afrikaanse regio Temboeland kon Nelson Mandela naar de universiteit. Hij studeerde rechten, politicologie en Engels. Na een paar jaar werd hij echter weggestuurd toen hij deelnam aan een actie tegen het slechte voedsel aan de universiteit.

Dat protest was het begin van Nelson Mandela’s politieke carrière bij het ANC, het Afrikaans Nationaal Congres, dat in 1912 was opgericht om zich te verzetten tegen de Unie van Zuid-Afrika.

Hoe stond hij in het leven?

In 1948 voerde de witte minderheid het apartheidsregime in, wat tot een systematische rassenscheiding leidde.

Nelson Mandela vocht fel tegen de racistische wetten. In 1949 kreeg hij een leidende rol in het ANC en organiseerde hij een campagne van ongehoorzaamheid die een jaar duurde en geïnspireerd was op de geweldloze acties van Mahatma Gandhi in India.

Toen de politie in 1960 69 zwarte mensen doodschoot in Sharpeville, veranderde Nelson Mandela van tactiek. Nu pleitte hij voor sabotage tegen het regime.

Het geweld van de witte overheersers tegen de zwarten liet het ANC geen andere keuze dan met geweld te antwoorden. Zoals Nelson Mandela het zelf formuleerde: ‘Een aanval van het wilde beest kun je niet met blote handen afslaan.’

In 1962 werd de 44-jarige Nelson Mandela door het Zuid-Afrikaanse Hooggerechtshof veroordeeld tot vijf jaar cel wegens sabotage. Drie jaar later werd het vonnis omgezet in levenslang.

Met gevangenennummer 466/64 op zijn rug werd Nelson Mandela naar een kleine cel op Robbeneiland gebracht – weg van zijn vrouw, Winnie Mandela, zijn kinderen en zijn strijdmakkers.

Nelson Mandela zat 18 jaar op Robbeneiland. Hij werd vervolgens overgebracht naar de Pollsmoor-gevangenis in Kaapstad en in 1988 naar zijn laatste gevangenis, Victor Verster, even buiten die stad.

Waar wilde hij naartoe?

Toen hij nog niet levenslang had gekregen heeft hij een speech gehouden waarin hij omschreef waar hij naartoe wilde

‘Ik heb het ideaal gekoesterd van een democratische, vrije samenleving waar iedereen in harmonie leeft en gelijke kansen heeft. Het is een ideaal waarvoor ik hoop te leven en dat ik verwezenlijkt wil zien. Maar als het moet, ben ik bereid ervoor te sterven.’

Hoe hij dat wilde doen is duidelijk geworden door de wijze waarop hij zijn gevangenschap heeft gedragen.

In plaats van verbitterd te raken door de zware omstandigheden, vond Nelson Mandela spirituele kracht en voelde hij medelijden met de vijanden die hij eerder met bommen en kogels had bestreden.

Hiermee won hij de harten van sommige bewaarders in de gevangenis, die goede vrienden werden met Nelson Mandela tijdens zijn celstraf.

Roland Boukema

Author Roland Boukema

More posts by Roland Boukema

Leave a Reply